COLUMN - Ik ben omdat wíj zijn

Toen ik een halve eeuw geleden in de brugklas zat, genoot ik optimaal van het schoolse leven. Eind jaren zestig. Alles was in beweging. Ik was graag op school en leerde veel. Dat had met de lessen echter weinig van doen: mijn aandacht ging uit naar de pauzes, naar de grappige jongens en de leuke meisjes, naar het blijven hangen na schooltijd, naar de neef van mijn vriend met zijn lange haren en stoere Zundapp. “Chillen” kenden we nog niet, maar gillen gebeurde regelmatig.

Mijn ontwikkeling ging razendsnel. Alleen was er geen verband met lessen, kerndoelen en eindtermen; het ging om sigaretten roken, stoer kijken en broeken met wijde pijpen dragen. Mijn moeder maakte zich zorgen, een teken dat ik op de goede weg was.

In de klas ging de gezelligheid zoveel mogelijk door. Ik begreep dat die volwassenen met dat krijtje hun best deden om van alles uit te leggen, maar daar verspilde ik mijn kostbare tijd zo min mogelijk aan. Met mijn vriend schreef ik hele dialogen op de kaften van schriften die tijdens de les werden uitgewisseld. Als de leraar daarover mopperde, was dat voor mij geen maatstaf: het bewonderende lachsalvo van de klas was veel belangrijker dan de boze blik van de leraar. Een enkele keer werd ik prettig verrast omdat een docent iets boeiends te berde bracht, maar meestal werd ik in beslag genomen door een grap van mijn buurjongen of de blik van het mooiste meisje.

Die herinneringen kwamen boven toen ik onlangs een webinar volgde van psycholoog Steven Pont over de mentale gesteldheid van pubers tijdens corona. De puberteit is van groot belang voor de ontwikkelingsgang. Pap, mam en leraar (primaire socialisatie) worden weggeduwd en de leeftijdgenoot wordt omarmd (secundaire socialisatie). ‘Ik ben omdat wij zijn’ hoort niet alleen bij Ubuntu, maar bij alle mensen en zeker bij de speciale mensensoort die we pubers noemen. Hoe verloopt hun ontwikkeling als ze zich niet kunnen spiegelen en geen relaties aangaan?

De grootste uitdaging van het afstandsonderwijs is wellicht niet de leerachterstand maar de ontwikkelingsachterstand door het gebrek aan secundaire socialisatie. We moeten voor onze pubers  een pauzeplek creëren waar je stoer kunt doen en chillen. 

 

Fons van de Wall is sectordirecteur van het Graaf Huyn College in Geleen.

Delen: