COLUMN Toetswoede

Ik kom een collega tegen bij de supermarkt. Hij geeft maatschappijleer. De toetsweek is voorbij en ik zeg in mijn onnozelheid 'Zo, de grote drukte is weer even voorbij'. Nou, dat had ik gedacht. 

'Oh, nee, nu begint het pas... ik heb stapels toetsen die ik na moet kijken. Acht klassen en zes A4 tjes per toets, daar ben ik nog wel even mee bezig.' Dom van mij. Ik weet ook eigenlijk wel dat hij rond deze tijd in de medewerkerskamer verscholen gaat achter stapels correctiewerk, dat het zinloos is om hem voor iets anders te vragen: 'Nu even niet ... ik moet corrigeren hè', waarna meestal een exposé volgt over de aard van het werk en hoever al en hoe lang nog. Meestal duurt het nakijken langer dan twee weken. 

'Het gaat goed... ik ga over drie weken trouwen en dan moet het klaar zijn. Ik volg nu een andere aanpak dan vroeger. De Pomodoro methode, die ken je vast wel.' Nee, die ken ik niet en ik lees later op internet dat Pomodoro ideaal is voor studenten die zich er niet toe kunnen zetten om te beginnen met studeren, opzien tegen een berg werk en om de haverklap afgeleid zijn. Essentieel hulpmiddel bij de methode is een kookwekker, die helpt om door de berg rijstebrij heen te komen.

Ik vraag hoe lang hij doet over een toets en hoeveel toetsen het zijn. 'In het begin een kwartier per toets, maar later gaat het sneller... en de toetsen zijn nu ook korter dan vroeger, toen was het maximum 11 velletjes per toets'. Het gaat om 240 toetsen, dat maakt 240 maal 10 minuten is 2400 gedeeld door 60 is 80 uur. Geen wonder dat elke toetsweek een aanslag is op het gestel van mijn collega. 

'Nu even niet ... ik moet corrigeren hè...'

Frans Ottenhof

Maar. 

Net als in het geval van verpleegster, politieagenten, maatschappelijk werkers, huisdoktors etc dreigen leraren te bezwijken onder de last van de administratie, in dit geval heet het correctiewerk. Helaas doen zij dit zichzelf aan. Sorry, dat ik het schrijf. Waarom? Leerlingen hoeven geen essays te schrijven van zes kantjes. Het is juist een kunst om kort en bondig antwoord te geven. 

Hou maar op met het schrijven van al die tijdrovende opmerkingen in de kantlijn, want leerlingen lezen het toch niet en anders vergeten ze het weer in een oogwenk. Als je het niet gelooft, doe dan de les nadat je de toets hebt teruggegeven een minitoets om te kijken wat zij hebben onthouden van jouw geschreven commentaar.

Het goed nabespreken van een toets, de inhoud en hoe het geleerd is, levert veel meer op dan geschreven commentaar. ‘Slimme' vragen maken met korte antwoorden kost meer tijd en creativiteit dan 'snelle' open vragen. Zulke vragen bedenken is veel plezieriger dan stapels toetsen met lange antwoorden nakijken. Goede meerkeuzevragen zijn niet taboe. Medicijnenstudenten doen niet anders dan meerkeuzetoetsen en toch staat de gezondheidszorg in Nederland op een hoog peil. Door minder schrijfwerk kan de toetsweek gehalveerd worden (1 uur toets ipv blokuren). Op jaarbasis levert dat vijf maal drie dagen onderwijstijd op. Het schooljaar waarin echt wat geleerd wordt, wordt verlengd met pakweg drie weken. 

Alle tijdwinst die bovenstaande aanpak oplevert kun je gebruiken om goede lessen voor te bereiden. 

Delen: